22-10-04

Eindelijk

Eindelijk is alles van de baan. De Volwassene krijgt Oma's huis, de Mama het geld. Wat ze er verder mee doet zal de Volwassene worst wezen. Pro forma heeft ze de Mama toch gezegd dat ze misschien eens aan haar oude dag zou kunnen denken. Blijkbaar was ze dat wel van plan. Maar dat moeten we eerst nog zien. We hebben het hier tenslotte over de Mama, en haar reputatie in geldzaken is niet fraai... Daarom heeft de Volwassene er ook op aangedrongen dat de afrekening van begrafeniskosten etc allemaal meteen zou afgehandeld worden via de notaris. Dat is het veiligste.

Het blijft erg om je zo te moeten indekken tegen de persoon die je op de wereld heeft gezet. Maar dat is nu eenmaal het drama van deze familie. In zekere zin wen je daaraan. Onlangs merkte iemand verbaasd op dat de Volwassene haar moeder toch 'mama' noemt, ondanks alle omstandigheden. Dat is inderdaad zo en dat heeft ook altijd gedaan. Maar voor haar is dat 'mama' niet meer dan een benaming. Naar gevoelswaarde is Oma altijd haar moeder geweest, niet zij die ze 'mama' noemt. In deze familie is het nu eenmaal altijd zo geweest dat de benamingen van familiebanden compleet losstonden van dat waar die benamingen voor staan. Het Kind had broers en zussen, maar dat waren eigenlijk halfbroers en -zussen. En omdat ze ook niet samenleefden, kan je eigenlijk ook niet van een echte broer- of zusterband spreken. Toch zijn dat de benamingen die ze elkaar geven. Oudste zus en de twee oudste Broers dragen bijvoorbeeld ook dezelfde familienaam als de Volwassene terwijl zij eigenlijk niks maar dan ook niks met haar vader te maken hebben. En ze hadden een tantedie zelfs niet eens familie was. Voor onszelf was dat allemaal perfect normaal. Je staatdaar als kind niet echt bij stil. Het is pas in contact met anderen dat je er af en toemee geconfronteerd word.

Af en toe maakt het de Volwassene nog steeds boos. Waarom ben ik, zijn wij niet gewoon normaal, zoals er zoveel andere gewone gezinnen zijn? Waarom is het bij ons allemaal zo complex? Vooral op de Mama blijft  ze boos. Want zij ligt aan de grond van al die ingewikkelde toestanden. Maar de Volwassene weet wel beter dan de Mama daarmee te confronteren. Dat heeft geen zin. De Mama leeft in haar eigen fantasiewereld. Waarin zij een goede moeder is en altijd goed voor haar kroost heeft gezorgd. En dat kroost is gewoon ondankbaar. Ze zijn tegen haar zoals haar moeder ook altijd tegen haar is geweest.

Het is eigenlijk zelfs geen fantasiewereld, beseft de Volwassene. Zij en de Broers enzussen zien dat zo omdat haar wereld niet beantwoord aan hun realiteit. Maar voor de Mama is dat wel de realiteit. De Volwassene zal ooit vergeten hoe de Psychologe haar vroeg om zich te proberen dat voor te stellen, om zich in te leven in de wereld van haar Mama. Ze vond dat erg moeilijk. Het blijft ook moeilijk, al begrijpt ze het al wel beter dan in het begin. Er blijft wel een gevoel van onmacht en dat het niet eerlijk is.

Het IS niet eerlijk. Je kan de Mama niet ter verantwoording roepen omdat dat watmisdaan werd in haar realiteit niet bestaat of geen misdaad is. En dat betekent onmacht. Het betekent moeten leven met een misdaad die niet bestraft is, en zelfs niet bestraft kan worden. Leven met een Kind dat wil dat wie schuldig is op zijn minst zijn schuld bekent. En een Volwassene die weet dat dat niet kan. Wat zou het gemakkelijk zijn, denk de Volwassene soms, als zij nog steeds gelovig zou zijn. Als ze zou kunnen geloven dat de Mama nu misschien haar straf ontloopt maar dat ze ooit, na haar dood, toch verantwoording zal moeten afleggen over wat ze gedaan heeft en gelaten. Maar de Volwassene gelooft niet. En zij wil het Kind niks wijsmaken dat ze zelf niet gelooft.

Even, heel even worden Kind en Volwassene Ik. Ik die beseft dat de Volwassene hetverhaal van het Kind aan de wereld vertelt en blijft vertellen in de hoop dat dat het Kindsust. Maar die tegelijk beseft dat dat niet helpt. Ik weet dat het enige wat echt kanhelpen is als de Volwassene aan het Kind kan duidelijk maken dat het is zoals het is: dat er een schuld is die die nooit gedelgd kan worden. Dat dat niet betekent dat die schuld niet bestaat. Alleen dat diegene die schuldig is, niet gestraft kan worden. Maar hoe maak je dat duidelijk aan dat Kind, met haar sterke zin voor rechtvaardigheid...

16:32 Gepost door het kind | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |